|
|
|
|
Hoe werkt een warmtepomp?
Een water/glycolmengsel* circuleert door het leidingstelsel in de grond, door gesteente, door water/grondwater of door een externe unit en absorbeert de opgeslagen energie. - Het lauwe glycolmengsel stroomt in de warmtewisselaar van de verdamper en komt een ijskoud koelmiddel** van de warmtepomp tegen. De ijskoude vloeistof wordt een paar graden verwarmd en verdampt vervolgens.
De compressor onttrekt het gas uit de verdamper en verhoogt vervolgens de druk, waardoor tevens de temperatuur van het gas toeneemt. Het gas komt vervolgens in de condensor waar het condenseert tot vloeistof. De vrijgekomen warmte (condensatiewarmte) wordt overgedragen op het verwarmingssysteem.
4. In het expansieventiel wordt de druk van de vloeistof extreem verlaagd, waardoor tevens de temperatuur daalt. Daarna herhaalt zich het proces van “verdampen – comprimeren – condenseren – expanderen”.
* Het water/glycolmengsel is een vloeistof, welke niet kan bevriezen. ** Door moderne milieu-eisen wordt in de warmtepomp een koelmiddel gebruikt. Eerder werd freon gebruikt.
|
|

|
|
|
|
|
 |
|
Stadswarmte is milieuvriendelijk
|
|
Bij stadswarmte wordt gebruik gemaakt van de restwarmte die vrijkomt bij bijvoorbeeld afvalverbrandingsinstallaties, electriciteitscentrales of fabrieken |
|
|
|
|